|
Albert van het Hoofd
Pernis, “De nieuwe Rotterdamse overnacht kampioen”
|
![]() |
Door de jaren heen heeft Rotterdam
zoal de nodige kampioenen op de overnacht gekend. Op een regenachtige middag zo
in de derde week van september zocht ik de nieuwe onaangewezen kampioen
middaglossingen anno 2007 voor u op. Zijn naam, Albert van het Hoofd en zijn
woonplaats is Pernis. Een dorpje onder de rook van het gekende Rotterdam. Ik
schrijf over Albert maar eigenlijk mag ik zeker de op de achtergrond staande
Bertus van het Hoofd niet vergeten. Op de uitslagen had dus net zo goed van het
Hoofd en Zn kunnen staan. Maar buiten vader Bertus om is ook zeker vriendin
Sharon een drijvende kracht achter al de successen. Sharon is altijd en eeuwig
bij Albert met inkorven, klokken aanslaan of wat dan ook. We zeggen binnen onze
sport wel eens dat je je partner mee moet hebben. Nou, in deze is dat zeker het
geval.
Pernis.
Pernis is een
dorpje in de gemeente Rotterdam en gelegen tussen de grote
havens die deze omgeving rijk is. Het dorp telt slechts enkele duizenden
inwoners waarvan gelukkig nog enkele onze mooie sport beoefenen. Vanwege de
geringe grootte is Pernis geen volwaardige deelgemeente, maar een wijk. Pernis heeft
zijn dorpse karakter zeer goed weten te behouden. Het dorp ontstond
waarschijnlijk in de dertiende eeuw en werd pas in 1934 geannexeerd door de
gemeente Rotterdam. Het was van oudsher een boerendorp. Vanaf de negentiende
eeuw kende het ook een bloeiende zalmvisserij. In de achttiende eeuw ontstond
de zeevisserij waarvan de vissers tot aan IJsland voeren. Op de top van de
visserij voeren er 22 Pernisse sloepen. Vanaf de jaren dertig werden rond het
dorp havens aangelegd, eerst de Eemhaven aan de oostkant en later de Eerste en Tweede Petroleumhaven aan de westkant.
Kenmerkt de Eemhaven zich door containeroverslag, de Petroleumhavens worden
gedomineerd door de petrochemische industrie met verschillende
olieraffinaderijen,
zoals die van Shell Pernis. (werkgever van ondergetekende)
Mede hierdoor is het dorp ook landelijk bekend geworden. Tevens is Pernis de
woonplaats van de kampioen op de middaglossing van het samenspel 5, Groot
Rotterdam.
Albert van het Hoofd.
Als rasechte
Rotterdammer is het dat deze 45- jarige een goede 14/15 jaar geleden is
neergestreken te Pernis. De duivensport
kreeg hij van huis uit als het waren met de paplepel ingegoten. Als broekie was
het dat zijn vader, de ondertussen 66- jarige Bertus met zijn vader Jan in die
tijd combinatie speelde. Albert zal in die tijd een jaar of tien geweest zijn
dat hij op de waranda van het ouderlijk huis, en vliegend onder de naam van
zijn moeder in P.v Reisduif LMO al leuk zijn prijsje mee pakte. Bertus vloog in
die tijd, en dit zeker niet onverdienstelijk samen met zijn vader Jan. Zij
speelde in de toenmalige NCC in het “Oude Noorden” met zijn toen nog ruim 120
leden. Ieder jaar was deze combinatie wel bij de eerste drie generale te
vinden. Eind jaren zeventig verhuisde het gezin van het Hoofd naar Oud-Charlois
en is onze hoofdpersoon samen gaan vliegen met zijn vader in Pv De Zuiderpost.
Halfjaren tachtig zal het geweest zijn dat ik Albert persoonlijk leerde kennen.
Wat bleek, ik kwam op de leerschool bij Verolme Botlek, wat in die tijd een der
grootste scheepswerven van Nederland was. Achter in de bus kwamen wij bij
elkaar te zitten en al vrijsnel bleken wij van dezelfde hobby gecharmeerd te
zijn. U raad het al waarover zowel de heen- als de thuisreis wij het altijd
hadden. Dit was tevens de periode dat hij net als ik in Hoogvliet kwam te wonen
terwijl zijn duiven nog bij pa en ma van het Hoofd verbleven. Maar, het bloed
kruipt waar het niet gaan kan en er werd al vrijsnel een huis gekocht in het
eerder vernoemde dorp Pernis. Tevens kocht hij in die tijd een behoorlijk braak
liggend stuk grond met een oud huisje er op alwaar hij de duivensport
zelfstandig ging beoefenen. Daar de wijk waar vader en moeder van het Hoofd
woonden door het toenemende aantal buitenlanders drastisch en in een hoog tempo
achteruit ging namen ze het besluit om de duivensport vaarwel te zeggen en te
verhuizen naar Numansdorp op het eiland verderop gelegen, te weten de “Hoeksche
– Waard”. Bertus keerde niet meer terug in de sport maar ging zijn zoon
bijstaan in het beoefenen van zijn sport.
Het begin in 1993.
Albert begon in
1993 met een goede 25 stuks tellende juniorenploeg van het ouderlijk huis. Dit
jaar werd hij direct zowel aan- als onaangewezen kampioen met de jongen in
zowel de vereniging als in de toenmalige C.C. Zuid – West met zijn goede 400
leden. Bertus van het Hoofd werd trouwens in dat zelfde jaar in zijn toenmalige
spelverband de L.M.O. zowel aan- als onaangewezen kampioen op de fond. Door het
behalen van het fondkampioenschap van pa werd ook Albert als maar meer richting
de fond toe getrokken. Zoals hij zelf tijdens het gesprek aangaf ging hij vanaf
die tijd meer fondsoort van pa aanhouden met als resultaat dat het op de
programmavluchten steeds slechter ging maar op de fondvluchten steeds beter.
Dit trouwens de eerste jaren dan met namen in verenigingsverband.
Enkele jaren later.
Zo halfjaren
negentig maakte Albert, en dit dan zeker op verenigingsniveua best mooie
uitslagen. Vader Bertus had in deze tijd de duivensport al vaarwel gezegd en
kwam dan ook op de dinsdagen zoonlief helpen om onder andere de duiven van een
bad te voorzien, het gras te maaien maar zeker ook om een toeziend oog toe te
slaan op de duiven. In 2000 had Albert zoals hij aangaf drie duiven een koppel
van zijn vader zitten welke nog niet gemist hadden op de fond. Vader Bertus
drong daarom dan ook aan om deze duiven, te weten twee broers en zus op
Barcelona te zetten. De duivin, NL 96-1042699 was het jaar daarvoor
duifkampioen op de navluchten geworden en dit was dan ook de reden dat Albert
haar niet durfde te spelen. Alleen de twee broers gingen mee met als resultaat,
twee mooie prijzen. De reactie van pa van het Hoofd was begrijpelijk dat zoon
lief ook “De 99” had moeten spelen. Het jaar daarna in 2001 gingen dus zoals
aannemelijk alle drie deze duiven mee. De duivin ging als derde getekende mee
en moest haar broers voorlaten op de poulebrief. Wel werd ze gezien haar
conditie voor zowel de 10 als de 25 bak gezet in het inkorfcentrum. Resultaat,
1e Fondclub Groot Rotterdam en 44e Nationaal terwijl haar
broers eveneens op de uitslag stonden. In 2002, als in 2003 vloog “De 99”
duivin nogmaals haar prijzen vanuit Barcelona met zoal een 7e en 9e
in de Fondclub. Het jaar 2004 was ze net na de prijzen waardoor ze voor de
kweek werd gezet. Er kwamen nog drie dochters uit haar waarna ze geen eieren
meer lag.
Helemaal over naar de overnacht.
We schrijven het jaar 2002 als Albert het besluit neemt om in zijn geheel
en totaal over te schakelen naar de overnacht. Alle nog aanwezige programma
duiven werden opgeruimd en buiten de fondduiven van pa Bertus om werden er nog
diverse aangeschaft. De grootste inbreng der huidige kolonie zijn toch wel de
duiven van vriend Gerrit van Helden uit Hoogvliet. Gerrit beslist het
allerbeste van het mirakel hok van Dick Bakker en Zoon uit Poortugaal. Uit alle
toppers van hun gingen er naar Gerrit. Zo zitten er uit de stamduif, “De Oude
Rooie”, “De Jonge Rooie”, “De Perpignan” met zijn 1e Nationaal in
1994. Maar ook van “De 47” met zoal een 6e Nationaal Perpignan en 93e
Nationaal Barcelona op zijn conto gingen er naar Hoogvliet. Daar er tussen
Albert en Gerrit door de jaren heen een ware vriendschap is ontstaan kwamen er
uit al deze toppers jongen naar Pernis. Maar ook van plaatsgenoot Jacco Hollaar
kwamen er jongen naar Albert en dit eveneens op aanraden van en uit duiven van
van de vernoemde Gerrit van Helden. Zo kwam er bij Jacco de NL 03-1110685 uit
de lijn van “De 47” vandaan. Deze duivin is zeven keer gespeeld waarvan ze zes
keer als eerste arriveerde. Alleen de laatste keer dat ze gespeeld werd was ze
de tweede duif van het hok. Een supertje of niet? En gaf Albert aan, als jong
was ze mijn enigste duif die de volle punten kreeg op de tentoonstelling waar
trouwens de duiven van Bakker/van Helden om bekend staan. Mooi en goed gaan
hier trouwens zeer zeker samen. Verders kwamen er enkele bij van plaatsgenoot
Jaap Vermeer. Dit betreft op hun beurt weer allemaal Bruggeman / Steketee
duiven. Ook werd er in 2004 een duifje opgevangen van Joop Faassen uit
Naaldwijk welke een der beste duiven werd op het hok van het Hoofd. Dit duifje
bleek van het soort van vader en zoon Saarloos uit Klaaswaal. Dit is dan ook de
reden dat zowel in het najaar van 2006 als in 2007 enkele jongen van dit hok
werden bekomen. Maar ook met de eerdere eigenaar van het opgevangen duifje,
Joop Faassen bleef goed contact en jaarlijks worden er nu enkele duifjes
geruild. Wat kan sport dan toch mooi zijn denk ik zo !!!
Café de Fles te Steenbergen.
Albert is ook een vaste man die geregeld te Steenbergen duiven komt brengen.
Bij die bezoeken heeft hij enkele jaren geleden de gekende Kees de Baat leren
kennen. Van hem kreeg hij in het jaar 2005 enkele jongen en wat eieren. En
verteld hij met vol overtuiging, dat hij afgelopen jaar weer enkele koppels
eieren daar kon halen.
Het jaar 2007.
Afgelopen seizoen
heeft hij met weduwnaars die allemaal van 2005 waren gevlogen. Deze twee
jaarsen hadden als jaarling het al zeer succesvol op de dagfond gedaan en
moesten er afgelopen jaar aan geloven. Ze lieten hun verzorgers zeker niet in
hun hemd staan want na dat de eindstanden bekend waren kwam de naam van het
Hoofd als volgt uit de bus.
1e Kampioen Aan- Onaangewezen Inkorfcentrum IJsselmonde.
1e Kampioen Aan-Onaangewezen L.M.O. (Linker Maasoever)
1e Kampioen Onaangewezen en 2e Kampioen Aangewezen
Samenspel 5 Groot Rotterdam.
4e Kampioen Onaangewezen en 2e Kampioen Aangewezen
Fondclub Groot Rotterdam.
6e Kampioen Attractie Hoeksche – Waard.
15e Keizerkampioen Afdeling 5 Zuid – Holland.
Tevens had hij in “De 50” NL 05-1370150 met viermaal mee en viermaal raak de
kampioensduif in het inkorfcentrum. Deze is trouwens weer een kleinkind van de
eerder vernoemde “De 85” van Jacco Hollaar. Als jonge duif bleef hij op de
eerste vlucht weg om pas na de winter in het voorjaar terug te keren. Hij zat
toen onder de klei en zijn gummiering was half verteerd. Als jaarling werd hij
duifkampioen op de eendaagse en nu als tweejarige dan kampioensduif op de
middaglossing. Maar ook de NL 05-1370113 van Kees de Baat mogen we niet
vergeten. Deze werd vijfde kampioensduif over geheel Rotterdam en geeft Albert
aan, wel gekregen van deze sportieve melker.
Een kijkje naar 2007.
De kampioenschappen zijn voor deze nieuwkomers meer dan aansprekend. Met
zoal de volgende prestaties werd dit bereikt.
Bordeuax 81e
Nationaal (1e get.) van 8.051 duiven.
Groot Rotterdam 10 mee en 4 prijzen 840 duiven, 5, 60, 84 en 107
St. Vincent 91e
Nationaal (2e get.) van 5.232 duiven.
Groot Rotterdam 6 mee en 2 prijzen 754 duiven, 5 en 62.
Montauban 125, 194e
Nationaal tegen 6.526 duiven. Tweede duif zat al in het hok daar op de afdeling
van de vijfkoppig tellende nestkoppels geen antenne lag) 1 mee van dit hok, een
jaarling en stond ook als eerst getekende.
Groot Rotterdam 8 mee en 5 prijzen 552 duiven, 7, 14, 35, 45 en 48.
Tarbes 289,
401, 601 en 837 Nationaal tegen 5.210 duiven. Allen op zelfde dag thuis.
Groot Rotterdam 10 mee en 5 prijzen 530 duiven 21, 30, 46, 60, 83.
Steyrech 10 mee en 2 prijzen (L.M.O. prijs 3)
Bergerac 168e in Afdeling 5 en 9 van de 10 in de prijzen.
De afsluiting van het seizoen was Limoges. Met 24 stuks duivinnen die het
gehele jaar als weduwduivin hadden gezeten werd hier aan deelgenomen. Op de
navluchten werden deze driemaal gespeeld en toen naar Limoges. Het totaal
aantal prijzen viel tegen maar in het sterke inkorfcentrum van Middelharnis
werd wel met de eerste begonnen en werd tevens de hoofdprijs een half varken
veroverd. Deze overwinnares was nog een dochter, van de eerder drie vernoemde
nog gekweekte jongen uit de duivin die op aandringen van pa alsnog naar
Barcelona werd gespeeld. Ook de tweede en vierde duif op het hok kwamen uit
haar.
Verzorging.
De verzorging der
duiven is net als bij de meeste van ons. In het voorjaar eenmaal daags en naar
gelang het seizoen vordert tweemaal daags naar buiten voor ruim anderhalf uur.
Rond half maart worden ze gekoppeld en na het vuilbroeden neemt het weduwschap
zijn aanvang. Na het seizoen mogen de overgebleven weduwnaars een jong groot
brengen waarna ze rond half oktober weer van elkaar af gaan. In de winter
periode komen ze tot aan het koppelen niet buiten. Zowel voorafgaande, als na
de vluchten bij zowel de invlieg- als de overnachtvluchten worden de duivinnen
getoond. Dit dan wel naar gelang de zwaarte van de vlucht. Buiten zijn goede 30
stuks weduwnaars bezit hij een koppeltje of vijf nestduiven en tevens een tiental
kweekkoppels. Voor eigen gebruik worden er meestal rond de 35 stuks jongen
gekweekt die op de navluchten een drietal vluchten krijgen te verwerken.
Meestal is dit dan tot een 240 km. Medisch gezien is het hier ook vrij summier.
De dag na de vlucht ontsmettingsmix van dr. van der Sluis en dit na overleg met
ondergetekende volgens het systeem van Martin van Zon. Op de vorig jaar
uitgegeven video als dvd van de Koerier gaat Martin van Zon hier uitgebreid op
in. Verders krijgen de duiven, en dit eigenlijk ook in overleg met
ondergetekende de laatste dagen de gekende Edele Olie die weer verkregen word
via Piet de Vogel van Top – Pigeons. Als voer staat er vier zeisoenen aangevuld
met vlieg en in de ruitijd aangevuld met ruimengeling van de fa. Mariman. Als de
vluchten naderen krijgen ze een extra snoepje en wat pinda,s. Verders is het
volgens onze gastheren een kwestie van streng selecteren en dan met namen als
dit de gezondheid betreft.
Slot.
Ik was op bezoek
bij een leuk en zeer sympathiek stel duivenliefhebbers bestaande uit vader en
zoon van het Hoofd. Die in ieder opzicht de sport een warm hart toedragen.
Jammer was het dat Sharon moest werken. Maar als die ooit zal vallen, zo,n vel
begeerde overwinning dan zorg ik dat ze zeker op de foto zal komen. De toekomst
op de huidige locatie is tot op de dag van mijn bezoek nog steeds onzeker.
Gemeente Rotterdam heeft namelijk al langere tijd stoute plannen voor de nodige
nieuwbouw. Albert kennende maakt hij zich ook daar niet echt druk over. De
gemeente zal hem moeten uitkopen en waar hij dan neer zal strijken is de vraag.
Qua werkzaamheden zowel van Sharon als van Albert, die trouwens bij het
Waterschap Hollandse Delta op een rioolwaterzuivering werkzaam is zou de
omgeving Rhoon of Poortugaal een uitkomst zijn. Maar wetende dat vader van het
Hoofd het in de Hoeksche – Waard meer dan naar zijn zin heeft zal deze optie
zeker ook nog niet uit te sluiten zijn. Wat de toekomst ook wezen mag, de naam
van het Hoofd kwam, zag en overwon. ALbert, Sharon maar zeer zeker ook Bertus,
ook voor jullie zou ik willen zeggen, als de gezondheid jullie gezind zal zijn
dan ……………….. Het is jullie gegund.
Johan Hamstra.